Citaat | Hoge Raad 15 november 2013
Onder 3.4 Hoge Raad 15 november 2013
Een alinea uit Hoge Raad 15 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1259.
Ingevolge de art. 6.2 en 6.3 Lpr wordt in geval van onttrekking door een advocaat de zaak in de stand waarin zij zich bevindt verwezen naar de roldatum gelegen op een termijn van twee weken later voor het stellen van een nieuwe advocaat. Uit de hiervoor in 3.3 weergegeven gang van zaken volgt dat de zaak op 29 mei 2012 – de datum waarop zij vanwege de onttrekking van mr. Damstra (twee weken) werd aangehouden tot 12 juni 2012, de datum waarop mr. Galama zich heeft gesteld – partijperemptoir stond voor grieven en dat akte van niet-dienen was aangezegd. Op 12 juni 2012 stond de zaak derhalve nog steeds partijperemptoir voor grieven, zodat mr. Galama alsnog van grieven kon dienen, zoals hij ook heeft beoogd te doen. Het stond het hof in beginsel dan ook niet vrij om akte van niet-dienen te verlenen en op die grond de memorie van grieven te weigeren. Weliswaar kon het hof op de voet van art. 1.15 Lpr afwijken van het bepaalde in art. 6.2 en 6.3 Lpr indien het daartoe aanleiding vond in de (bijzondere) omstandigheden van het geval, maar uit het bestreden arrest blijkt niet dat het hof van deze bevoegdheid gebruik heeft gemaakt. De middelen treffen derhalve doel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cbfcd83a0fdbbd706f7a4b7214da3a060875ab249047f70148654ac309311ae1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cbfcd83a0fdbbd706f7a4b7214da3a060875ab249047f70148654ac309311ae1, en de alinea staat in dat document op bytes 10631 tot 11823.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cbfcd83a0fdbbd706f7a4b7214da3a060875ab249047f70148654ac309311ae1 | shasum -a 256