Citaat | Hoge Raad 2 juli 2013

Onder 6.2.2. Hoge Raad 2 juli 2013

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:150.

Het hof overweegt dat uit de gebezigde bewijsmiddelen blijkt dat de verdachte geldbedragen, verdiend tijdens werkzaamheden in de gedwongen prostitutie, heeft ontvangen en voorhanden heeft gehad. De stukken in het dossier bevatten geen aanwijzingen dat deze geldbedragen in het geheel niet zijn uitgegeven. Integendeel, op geen enkele wijze is gebleken dat geldbedragen buiten het economisch verkeer zijn gehouden en zijn opgeborgen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/13445f074672d8d190d687c20fc96d58924d29682de1f235dd5e498491ddee75. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 13445f074672d8d190d687c20fc96d58924d29682de1f235dd5e498491ddee75, en de alinea staat in dat document op bytes 65653 tot 66099.