Citaat | Hoge Raad 10 december 2013

Onder 2.4. Hoge Raad 10 december 2013

Een alinea uit Hoge Raad 10 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:1752.

Het Hof heeft vastgesteld dat de verdachte nadat hij was aangehouden niet voorafgaand aan zijn eerste verhoor is gewezen op zijn recht een advocaat te raadplegen. Naar het oordeel van het Hof levert dat in het onderhavige geval geen vormverzuim op. Dat oordeel berust op de overwegingen van het Hof dat de verdachte voordat hij zich op uitnodiging van de politie op 14 november 2008 meldde, ruimschoots de gelegenheid heeft gehad een advocaat te raadplegen en dat in het licht daarvan de politie uit de opmerking van de verdachte dat hij reeds contact had gehad met zijn raadsman, ervan mocht uit gaan dat de verdachte vooraf een raadsman had geconsulteerd. Door het verweer op deze grond te verwerpen en de door de verdachte afgelegde verklaring als door de verdediging bedoeld voor het bewijs te bezigen, heeft het Hof, gelet op hetgeen in 2.3 is overwogen, blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting omtrent het consultatierecht van de aangehouden verdachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6830f24aeea170110a3199a3e843c866f86e49674923a1f750beb766bfa97483. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6830f24aeea170110a3199a3e843c866f86e49674923a1f750beb766bfa97483, en de alinea staat in dat document op bytes 16903 tot 17885.