Citaat | Hoge Raad 20 december 2013
Onder 3.3.3 Hoge Raad 20 december 2013
Een alinea uit Hoge Raad 20 december 2013, ECLI:NL:HR:2013:2128.
Het bestreden oordeel in rov. 3.7 is gegeven in het kader van het antwoord op de vraag of zich het geval voordoet dat in redelijkheid niet van [eiser] kan worden gevergd een verklaring van een UWV-deskundige bij de loonvordering te voegen (art. 7:629a lid 2 BW). Het berust op de opvatting dat art. 7:629a lid 1 BW mede tot doel heeft de werkgever een hulpmiddel te bieden in het re-integratieproces. Die opvatting is echter onjuist. Zoals blijkt uit hetgeen hiervoor in 3.3.2 is weergegeven, is met de verplichte overlegging van de verklaring beoogd de rechtsbescherming van de werknemer te versterken en efficiënte geschilbeslechting door de rechter te bevorderen. Het is aan de werknemer of hij een verklaring van een UWV-deskundige aanvraagt teneinde een loonvordering te kunnen instellen. De werknemer hoeft zich daarbij niet te laten leiden door de vraag of de werkgever behoefte heeft aan de informatie in die verklaring. De klacht slaagt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c04d00ea0cc04ec0a06f7852e69aa3977c3baab9dec9b29ddc8523f990ff0db8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c04d00ea0cc04ec0a06f7852e69aa3977c3baab9dec9b29ddc8523f990ff0db8, en de alinea staat in dat document op bytes 16752 tot 17725.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c04d00ea0cc04ec0a06f7852e69aa3977c3baab9dec9b29ddc8523f990ff0db8 | shasum -a 256