Citaat | Hoge Raad 12 juli 2013

Onder 3.4.3. Hoge Raad 12 juli 2013

Een alinea uit Hoge Raad 12 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:30.

Omkering van de bewijslast wegens het niet doen van de vereiste aangifte blijft wel achterwege indien iemand die onder toekenning van een loonheffingsnummer is uitgenodigd de verschuldigde loonheffingen op aangifte af te dragen, in plaats van aangifte te doen, uitdrukkelijk en gemotiveerd te kennen geeft dat en waarom hij van mening is die heffingen niet verschuldigd te zijn. In een zodanig geval kan hem niet worden verweten dat hij nalatig is gebleven in het doen van de vereiste aangifte, ook niet indien zijn standpunt door de rechter onjuist wordt bevonden (vgl. HR 27 maart 1996, nr. 31209, LJN AA2004, BNB 1996/273). Voor een dergelijke mededeling heeft eveneens te gelden dat omkering van de bewijslast daarmee niet meer valt te vermijden indien die mededeling pas in de bezwaarfase wordt gedaan. Van degene die eerst dan reageert op een uitnodiging tot het doen van aangifte kan wel worden gezegd dat hij nalatig is gebleven.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b1b8b06b5b9fe6babefa81f304dcd124c387af11c5ed42c26b42335221b7e9be. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b1b8b06b5b9fe6babefa81f304dcd124c387af11c5ed42c26b42335221b7e9be, en de alinea staat in dat document op bytes 18317 tot 19267.