Citaat | Hoge Raad 25 juni 2013

Onder 2.3. Hoge Raad 25 juni 2013

Een alinea uit Hoge Raad 25 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:4.

In de vaststellingen van het Hof ligt voorts besloten dat bij een enige tijd nadien ondernomen poging een supermarkt te Nijmegen te overvallen, ter zake waarvan [betrokkene 1] als verdachte is aangemerkt, gebruik is gemaakt van een bromfiets van het merk Tomos (geregistreerd op naam van een andere verdachte van dat feit), dat de verdachte en [betrokkene 1] elkaar op 9 december 2009 kort voor middernacht telefonisch hebben gesproken waarbij de verdachte aankondigde dat 'ze zo meteen naar [betrokkene 1] kwamen' waarop [betrokkene 1] hem mededeelde dat 'ze alles hadden, dus ook de twee brommers', en dat een getuige op 10 december 2009, kort voor zes uur 's ochtends, drie donker geklede personen op twee brommers, waaronder een Tomos, naar het centrum van Milligen aan de Rijn heeft zien rijden. Daarnaast heeft het Hof vastgesteld dat enige tijd na het begaan van de overval, waarbij onder meer bankbiljetten en rolletjes muntgeld zijn weggenomen, tijdens een doorzoeking in de woning van de grootmoeder van de verdachte in een wasmand bankbiljetten en rolletjes muntgeld zijn aangetroffen, en dat de grootmoeder van de verdachte bij de Rechter-Commissaris heeft verklaard dat zij denkt dat de verdachte, die vaak bij haar kwam, dat geld in de wasmand heeft gelegd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bf893c19180a88b5adbfa11d075bc7577048fec4a4b13c75e95a083d4dcd7f8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bf893c19180a88b5adbfa11d075bc7577048fec4a4b13c75e95a083d4dcd7f8, en de alinea staat in dat document op bytes 9443 tot 10728.