Citaat | Hoge Raad 2 juli 2013

Onder 4.3. Hoge Raad 2 juli 2013

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:5.

Teneinde niet meer te hoeven melden aan de STE en toch te voldoen aan het free float-vereiste is vervolgens een plaatsingsovereenkomst tussen [C] BV en [de bank] gesloten (overeenkomst van 29 december 2000, bijlage D-176). De overeenkomst hield onder meer in dat [de bank] in twee tranches de te verkopen aandelen van [A] zou overnemen (1e tranche: 391.350 aandelen en 2e tranche: 475.000 aandelen). Deze overeenkomst en de aanleiding daartoe is ook aan de orde gekomen in het gesprek dat heeft plaatsgevonden op 8 oktober 2002 tussen de getuigen [getuige 4], [getuige 5], [getuige 6] en de medeverdachte [medeverdachte] (gespreksverslag, bijlage D-13 en AH-02-008, 1). De getuige [getuige 3] heeft over deze overeenkomst verklaard dat [de bank] verzocht is om te bezien of een institutionele belegger een 10 % belang wilde overnemen (V09-01, p. 3). De medeverdachte [medeverdachte] zelf is samen met [de bank] nog bij een institutionele belegger op bezoek geweest voor een overname (V01-01, p. 6). De getuige [getuige 3] heeft verklaard dat het [de bank] niet lukte om een institutionele belegger te vinden en dat de medeverdachte uiteindelijk toen zelf een partij is gaan zoeken. Vervolgens is de verdachte in beeld gekomen (V09-01)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aadb0e8fdd6adb6e794e98e2ef3716e246a2e73d2d4c75b29213bedd84c94290. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aadb0e8fdd6adb6e794e98e2ef3716e246a2e73d2d4c75b29213bedd84c94290, en de alinea staat in dat document op bytes 17850 tot 19097.