Citaat | Hoge Raad 2 juli 2013

Onder 4.6. Hoge Raad 2 juli 2013

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:5.

De getuige [getuige 4] heeft verklaard dat hem bij de dossieroverdracht van [B] BV werd verteld dat de medeverdachte [medeverdachte] orders gaf voor [B] BV (V05-02, p. 5). De getuige heeft nooit orders aangenomen van de verdachte of de getuige [getuige 10]. Hij heeft deze personen ook nooit gesproken (V05-02, p. 6). De getuige [getuige 4] heeft verder, bij de rechter-commissaris verklaard, dat alle beleggingsadviseurs niet beter wisten dan dat de medeverdachte [medeverdachte] zich mocht bemoeien met de opbouw van het belang van [B] BV, in [A] (D-303, p. 66, processtuk van [getuige 4] tegen [de bank]).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aadb0e8fdd6adb6e794e98e2ef3716e246a2e73d2d4c75b29213bedd84c94290. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aadb0e8fdd6adb6e794e98e2ef3716e246a2e73d2d4c75b29213bedd84c94290, en de alinea staat in dat document op bytes 24694 tot 25315.