Citaat | Hoge Raad 2 juli 2013

Onder 4.7. Hoge Raad 2 juli 2013

Een alinea uit Hoge Raad 2 juli 2013, ECLI:NL:HR:2013:5.

De door de medeverdachte [medeverdachte] geformuleerde plannen met betrekking tot aankoop van aandelen [A], die hij in het telefoongesprek van 1 maart 2002 besprak met de getuige [getuige 3] van [de bank], waarin hij tevens verwijst naar een reeds eerder gemaakte afspraak met de verdachte tezamen met de verklaringen van de beleggingsadviseurs die feitelijk contact hadden met de medeverdachte [medeverdachte], in onderling verband en samenhang bezien, brengen het hof tot de volgende conclusie. De medeverdachte [medeverdachte] is degene geweest die opdrachten heeft gegeven die ook als zodanig werden opgevat en ook al zodanig konden worden ervaren door de beleggingsadviseurs van [de bank], mede gelet op de positie die de medeverdachte [medeverdachte] als één van de belangrijkste, grootste cliënten van [de bank] innam. Kortom, de medeverdachte [medeverdachte] voerde de regie, zoals de getuige [getuige 3] heeft verklaard, niet als adviseur, maar als opdrachtgever van orders, die pasten in het plan van de medeverdachte [medeverdachte].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/aadb0e8fdd6adb6e794e98e2ef3716e246a2e73d2d4c75b29213bedd84c94290. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt aadb0e8fdd6adb6e794e98e2ef3716e246a2e73d2d4c75b29213bedd84c94290, en de alinea staat in dat document op bytes 27458 tot 28518.