Citaat | Hoge Raad 10 september 2013

Onder 3.2.3. Hoge Raad 10 september 2013

Een alinea uit Hoge Raad 10 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:669.

"Ik wijs er op dat ook een handeling die voldoet aan de delictsomschrijving van ontwerp-artikel 250ter, eerste lid, Sr, ondernomen buiten Nederland, tot strafvervolging wegens mensenhandel hier te lande kan leiden. Wel is voor de uitoefening van rechtsmacht hier te lande een aanknopingspunt met Nederland vereist. (...) Een aanknopingspunt is aanwezig indien degene ten aanzien van wie onder aanwending van ongeoorloofde middelen enige handeling buiten Nederland wordt ondernomen waarvan de dader weet of redelijkerwijs moet vermoeden dat de ander daardoor in de prostitutie belandt, als gevolg van die handeling ook daadwerkelijk in Nederland in de prostitutie belandt. Voor de vervolging wegens mensenhandel hier te lande is dus voldoende dat een handeling waarvan de dader weet of redelijkerwijs moet vermoeden enz., ondernomen buiten Nederland onder aanwending van ongeoorloofde middelen, een schakel vormt in de keten van gebeurtenissen die het belanden in de prostitutie in Nederland ten gevolge heeft. Eveneens kan in Nederland worden vervolgd ter zake van mensenhandel, indien een handeling, waarvan de dader weet of redelijkerwijs moet vermoeden enz., hier te lande ondernomen onder aanwending van ongeoorloofde middelen, een schakel vormt in een keten van gebeurtenissen die het belanden in de prostitutie in het buitenland ten gevolge heeft.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bd35b84fc138a86f1f0fef7229c177775b33ab09c4350aa98780e75f298232ba. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bd35b84fc138a86f1f0fef7229c177775b33ab09c4350aa98780e75f298232ba, en de alinea staat in dat document op bytes 18808 tot 20174.