Citaat | Hoge Raad 10 september 2013

Onder 4.7. Hoge Raad 10 september 2013

Een alinea uit Hoge Raad 10 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:673.

Opmerking verdient nog het volgende. Zoals in de conclusie van de Advocaat-Generaal onder 7.4 is uiteengezet, vormt de enkele vrijspraak van de medeverdachten van de aanvrager niet een gegeven als hiervoor onder 4.1 bedoeld. In de tekst noch de geschiedenis van de totstandkoming van de tegenwoordige herzieningsregeling zijn aanknopingspunten te vinden voor een dergelijke uitleg van art. 457, eerste lid aanhef en onder c, Sv. De gronden waarop de vrijspraak steunt kunnen onder omstandigheden nochtans wel zo een gegeven opleveren. Te dezen is van dergelijke omstandigheden evenwel niet gebleken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf80267195f6607c5c6d4f68baf9934466347387eba4a97d40db176800ec4dad. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf80267195f6607c5c6d4f68baf9934466347387eba4a97d40db176800ec4dad, en de alinea staat in dat document op bytes 29838 tot 30450.