Citaat | Hoge Raad 24 september 2013

Onder 4.3. Hoge Raad 24 september 2013

Een alinea uit Hoge Raad 24 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:773.

Indien door of namens de verdachte een beroep is gedaan op noodweer, zal de rechter moeten onderzoeken of de voorwaarden voor de aanvaarding van dat verweer zijn vervuld. Die houden naar luid van art. 41, eerste lid, Sr in dat het begane feit was geboden door de noodzakelijke verdediging van eigen of eens anders lijf, eerbaarheid of goed tegen een ogenblikkelijke, wederrechtelijke aanranding, waaronder onder omstandigheden mede is begrepen een onmiddellijk dreigend gevaar voor zo een aanranding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a66cfc1fbf3e5a88d4610e4a6121af050c0b217e62cb33c1f261043cd681686d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a66cfc1fbf3e5a88d4610e4a6121af050c0b217e62cb33c1f261043cd681686d, en de alinea staat in dat document op bytes 18304 tot 18817.