Citaat | Hoge Raad 4 oktober 2013

Onder 3.2.1. Hoge Raad 4 oktober 2013

Een alinea uit Hoge Raad 4 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:781.

Belanghebbende heeft in het door haar bij de Rechtbank ingediende beroepschrift onder verwijzing naar het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 18 december 2008, Sopropé-Organizações de Calçado Lda, C-349/07, DR 2009/27 en V-N 2011/13.9, gesteld dat haar rechten van verdediging zijn geschonden door de wijze waarop de uitnodiging tot betaling aan haar is uitgereikt en dat de uitnodiging tot betaling reeds op die grond moet worden vernietigd. Belanghebbende heeft deze stelling ter zitting van de Rechtbank ingetrokken, maar in hoger beroep heeft belanghebbende – kort voor de mondelinge behandeling van de zaak door het Hof - deze stelling opnieuw aangevoerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e7540ced00d75bcaa213998d95fbe85360de4de4f2fb7339e35694af62ff541f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e7540ced00d75bcaa213998d95fbe85360de4de4f2fb7339e35694af62ff541f, en de alinea staat in dat document op bytes 11178 tot 11878.