Citaat | Hoge Raad 11 oktober 2013
Onder 3.3.2 Hoge Raad 11 oktober 2013
Een alinea uit Hoge Raad 11 oktober 2013, ECLI:NL:HR:2013:911.
Aldus verstaan geeft het oordeel van het hof geen blijk van miskenning van de maatstaf van art. 4:46 BW. Anders dan in de onderdelen wordt betoogd, heeft het hof daarbij uitsluitend omstandigheden ten tijde van het opmaken van het testament in aanmerking genomen en niet (tevens) omstandigheden die toen nog toekomstig waren. Voor het overige berust het oordeel van het hof op waarderingen die in cassatie alleen op begrijpelijkheid kunnen worden onderzocht. Voor zover de klachten betogen dat de door het hof gemaakte waarderingen onbegrijpelijk zijn, doen zij dat tevergeefs.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c606d3e07fce7e2c9e99386a67d1dee00307fd0d2c32165f035028ea909a535. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c606d3e07fce7e2c9e99386a67d1dee00307fd0d2c32165f035028ea909a535, en de alinea staat in dat document op bytes 11475 tot 12066.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4c606d3e07fce7e2c9e99386a67d1dee00307fd0d2c32165f035028ea909a535 | shasum -a 256