Citaat | Hoge Raad 19 april 2013
Alinea 43 Hoge Raad 19 april 2013
Een alinea uit Hoge Raad 19 april 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY3123.
3.5 Bij de beoordeling van het middel wordt voorts het volgende vooropgesteld. De vraag of, en zo ja in welke omvang, in een verzekeringspolis mede dekking wordt verleend aan derden (eventueel na aanvaarding van een daartoe strekkend derdenbeding), dient te worden beantwoord aan de hand van hetgeen de verzekeraar en de verzekeringnemer dienaangaande zijn overeengekomen. Dit uitgangspunt geldt ook bij de uitleg van een beding in een CAR-verzekering waarin dekking wordt verleend aan onderaannemers die door de aannemer - tevens wederpartij van de verzekeraar - bij de uitvoering van een verzekerd werk worden ingeschakeld. De onderaannemer kan jegens de verzekeraar bescherming ontlenen aan art. 3:35 BW indien hij op grond van de bewoordingen van de polis, eventueel in samenhang met (andere) door de verzekeraar gedane mededelingen of gewekte verwachtingen, erop heeft vertrouwd, en erop heeft mogen vertrouwen, dat hem dekking zal worden verleend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c3ba6faca30f20931cbe89b8687d02e2f28da798f79826369f46394af5956ea1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c3ba6faca30f20931cbe89b8687d02e2f28da798f79826369f46394af5956ea1, en de alinea staat in dat document op bytes 13807 tot 14773.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c3ba6faca30f20931cbe89b8687d02e2f28da798f79826369f46394af5956ea1 | shasum -a 256