Citaat | Hoge Raad 19 februari 2013
Alinea 20 Hoge Raad 19 februari 2013
Een alinea uit Hoge Raad 19 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY5321.
"1. De verdediging heeft zich primair op het standpunt gesteld dat het openbaar ministerie niet-ontvankelijk moet worden verklaard in de strafvervolging omdat de strafvorderlijke belangen van de verdachte op grove wijze zouden zijn geschonden. Daartoe is ondermeer aangevoerd dat tijdens het vooronderzoek de door de verdachte bewoonde woning zonder diens toestemming en zonder toestemming van een andere bewoner is betreden door opsporingsambtenaren, die slechts voorzien waren van een machtiging (als bedoeld in artikel 2 van de Algemene wet op het binnentreden) afgegeven door een onbevoegde hulpofficier van justitie. Bij verwerping van dit verweer dient - aldus de verdediging - alle bewijs tegen de verdachte te worden uitgesloten, omdat het onmiddellijk of middellijk is verkregen door onrechtmatig, namelijk slechts voorzien van een door een niet gecertificeerde hulpofficier afgegeven machtiging, diens woning binnen te treden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0e99cc05dcf2423ce38f2b2f6f814fd3546086eb67490fc03656ae281fd73c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0e99cc05dcf2423ce38f2b2f6f814fd3546086eb67490fc03656ae281fd73c1, en de alinea staat in dat document op bytes 9712 tot 10662.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a0e99cc05dcf2423ce38f2b2f6f814fd3546086eb67490fc03656ae281fd73c1 | shasum -a 256