Citaat | Hoge Raad 19 februari 2013

Alinea 38 Hoge Raad 19 februari 2013

Een alinea uit Hoge Raad 19 februari 2013, ECLI:NL:HR:2013:BY5321.

10. Onbetwist is voorts dat inbreuk is gemaakt op verdachtes recht om, na haar aanhouding en voor haar verhoor, een raadsman te raadplegen. Dit betekent dat ook de door haar toen afgelegde verklaring dient te worden uitgesloten van het bewijs. Na deze verdere bewijsuitsluiting is het enige bewijs dat ten laste van de verdachte overblijft de door haar mededader afgelegde verklaring. Dat ook die verklaring is afgelegd zonder dat betrokkene, na aanhouding, in de gelegenheid was gesteld om een raadsman te raadplegen, heeft geenszins tot gevolg dat die verklaring niet tegen de verdachte mag worden gebruikt. Op een enkele verklaring van een ander kan een verdachte echter niet worden veroordeeld. Het hof zal haar daarom bij gebrek aan voldoende wettig bewijs vrijspreken van het haar ten laste gelegde."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a0e99cc05dcf2423ce38f2b2f6f814fd3546086eb67490fc03656ae281fd73c1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a0e99cc05dcf2423ce38f2b2f6f814fd3546086eb67490fc03656ae281fd73c1, en de alinea staat in dat document op bytes 18175 tot 18994.