Citaat | Hoge Raad 31 mei 2013
Alinea 97 Hoge Raad 31 mei 2013
Een alinea uit Hoge Raad 31 mei 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ1983.
4.13 Als de in het ongelijk gestelde partij dient Apple in de kosten van het principale beroep te worden veroordeeld. Samsung c.s. hebben vergoeding van deze kosten gevorderd op de voet van art. 1019h Rv. Zij hebben deze kosten begroot op een bedrag van € 112.901,44, maar hebben bij de daartoe opgevoerde werkzaamheden geen onderscheid gemaakt tussen het principale en het incidentele beroep. Zij hebben aangevoerd dat zij daartoe niet zijn gehouden omdat zij, gelet op de samenhang met het principale beroep, óók recht hebben op vergoeding van de kosten die zij hebben gemaakt in het kader van het voorwaardelijk incidentele cassatieberoep als de Hoge Raad niet aan beoordeling daarvan zou toekomen. Deze opvatting is onjuist.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af33ebe4d91c8671b2e0a50a0adb52e8013267461ec640275aabc66f8f4bd714. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af33ebe4d91c8671b2e0a50a0adb52e8013267461ec640275aabc66f8f4bd714, en de alinea staat in dat document op bytes 30613 tot 31359.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/af33ebe4d91c8671b2e0a50a0adb52e8013267461ec640275aabc66f8f4bd714 | shasum -a 256