Citaat | Hoge Raad 19 maart 2013
Alinea 51 Hoge Raad 19 maart 2013
Een alinea uit Hoge Raad 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4477.
In dit verband merkt de verdediging nogmaals op dat het opnemen van de verklaring van [getuige 1] ook in strijd was met de destijds geldende 'Aanwijzing opsporing en vervolging inzake seksueel misbruik'. [Getuige 1] was namelijk bij het informatieve gesprek dat de politie met [het slachtoffer] had aanwezig (zie bandopname) en volgens bedoelde aanwijzing was het vervolgens horen van [getuige 1] onwenselijk. Bovendien had [getuige 1] het verhaal van [het slachtoffer] gehoord, had zij dat besproken met [betrokkene 2] en vervolgens weer met [het slachtoffer]. Aansluitend heeft zij twee dan wel meerdere keren overleg met [betrokkene 1], spreekt zij [verdachte], voordat zij op 18 oktober 2006 als getuige bij het informatieve gesprek aanwezig is en vervolgens op 23 oktober 2006 als getuige een verklaring aflegt. Waarbij zij dat dan doet aan de hand van het door haar geschreven stuk ([...]). Uit de opnamen van haar verhoor blijkt namelijk dat zij het afleggen van haar verklaringen haar aantekeningen raadpleegt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e4b037088d55dfec8ea11991c7f1726f1b55ec6f271efd00f524855f2930f75f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e4b037088d55dfec8ea11991c7f1726f1b55ec6f271efd00f524855f2930f75f, en de alinea staat in dat document op bytes 19317 tot 20348.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e4b037088d55dfec8ea11991c7f1726f1b55ec6f271efd00f524855f2930f75f | shasum -a 256