Citaat | Hoge Raad 19 maart 2013

Alinea 85 Hoge Raad 19 maart 2013

Een alinea uit Hoge Raad 19 maart 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ4480.

[verdachte] bedoelde hier dus mee dat hij graag wilde dat ik de liquidatie van [betrokkene 2] zou regelen. Ik zei daarop dat dat mogelijk was maar dat ik details moest weten. Als ik de details had dan zou ik de mensen op bezoek kunnen laten komen die dat zouden kunnen klaren. Toen [verdachte] met mij over de liquidatie sprak vertelde ik hem dat ik voor 40.000 euro wat voor hem kon doen. [Verdachte] en ik hebben toen afgesproken dat de broer van [verdachte] bij mij op bezoek zou komen. Ik zou die broer van [verdachte] dan tijdens dat bezoek vertellen aan wie die broer de 40.000 euro moest geven. Daarnaast vertelde [verdachte] mij dat er ook drugs in de kruipruimte van het huis zouden liggen. Dat mochten wij dan ook hebben. Ik heb de naam van de broer van [verdachte] in het bijzijn van [verdachte] op de bezoekerslijst gezet. Ik moest daar ook de geboortedatum van de broer op invullen. Die geboortedatum kreeg ik van [verdachte].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/044bf6fe2f3875a1aaa75b85acfad26357b10fc28fae4038c555500ee1baba6f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 044bf6fe2f3875a1aaa75b85acfad26357b10fc28fae4038c555500ee1baba6f, en de alinea staat in dat document op bytes 21514 tot 22466.