Citaat | Hoge Raad 11 juni 2013

Alinea 32 Hoge Raad 11 juni 2013

Een alinea uit Hoge Raad 11 juni 2013, ECLI:NL:HR:2013:CA2539.

2.3. Vooropgesteld dient te worden dat de wet bepaalt in welke gevallen tegen een rechterlijke uitspraak een rechtsmiddel kan worden ingesteld en binnen welke termijn dit kan geschieden; die termijnen zijn van openbare orde. Overschrijding van de termijn voor hoger beroep door de verdachte, zoals in het onderhavige geval, betekent in de regel dat hij niet in dat hoger beroep kan worden ontvangen. Dit gevolg kan daaraan uitsluitend niet worden verbonden, indien sprake is van bijzondere, de verdachte niet toe te rekenen, omstandigheden welke de overschrijding van de termijn verontschuldigbaar doen zijn. Daarbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan voor het verstrijken van de beroepstermijn verstrekte ambtelijke informatie waardoor bij de verdachte de gerechtvaardigde verwachting is gewekt dat de beroepstermijn op een later tijdstip aanvangt dan uit de wettelijke regeling voortvloeit (vgl. HR 4 mei 2004, LJN AO5706, NJ 2004/462).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fa6941a8135899cebbbdb2cf857a1d5375d70539f332ff628dcda6fbc8c1f160. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fa6941a8135899cebbbdb2cf857a1d5375d70539f332ff628dcda6fbc8c1f160, en de alinea staat in dat document op bytes 13683 tot 14635.