Citaat | Hoge Raad 22 april 2014

Onder 4.2.3. Hoge Raad 22 april 2014

Een alinea uit Hoge Raad 22 april 2014, ECLI:NL:HR:2014:1021.

Anders dan in het middel wordt betoogd, heeft het Hof mede aan de inhoud van het voor het bewijs gebezigde (hiervoor in 2.2. onder 28 opgenomen) deskundigenrapport van E.M. Kok kunnen ontlenen dat de kans op dodelijk letsel aanmerkelijk is geweest. Dat rapport bevat niet slechts de conclusie dat eerst "[b]ij (vrijwel) direct contact met de explosieve constructie het letsel fataal (kan) zijn", maar houdt tevens in dat "de ernst van dit letsel onder meer afhankelijk [is] van waar iemand door hitte en/of een scherf wordt geraakt, de energie die een scherf op dat moment heeft en de locatie van die persoon ten opzichte van de ontploffing". Kennelijk en niet onbegrijpelijk heeft het Hof mede uit de ernst van de door het slachtoffer opgelopen verwondingen en de plaats op het lichaam waar het slachtoffer door onderdelen van het explosief is geraakt (schedel- en hersenletsel) afgeleid dat het contact van het slachtoffer met het explosief zo direct is geweest dat de kans aanmerkelijk was dat het tot ontsteking brengen van het aan de voordeur bevestigde explosief, terwijl het slachtoffer zich op dat moment vlak achter de van glazen ruiten voorziene voordeur bevond, dodelijke gevolgen zou hebben, en dat de omstandigheid dat een - volgens de toelichting op het middel: "3 a 4 cm dikke" - deur tussen het slachtoffer en het explosief aanwezig was daaraan niet afdoet.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/62dea2db4de2cc3252d5c1e7cd04527aa233fffc2a9a79c076d8489dc2f379d8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 62dea2db4de2cc3252d5c1e7cd04527aa233fffc2a9a79c076d8489dc2f379d8, en de alinea staat in dat document op bytes 24477 tot 25863.