Citaat | Hoge Raad 2 mei 2014
Onder 3.3.1 Hoge Raad 2 mei 2014
Een alinea uit Hoge Raad 2 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1067.
Het onderdeel is gegrond. Bij de beantwoording van de vraag op welk moment een partij dient te klagen indien haar tijdens het deskundigenonderzoek feiten en omstandigheden bekend worden die haar doen twijfelen aan de onpartijdigheid van de deskundige, geldt als uitgangspunt dat de klacht tijdig is aangevoerd indien zij door die partij naar voren wordt gebracht in haar eerste gedingstuk nadat het rapport van de deskundige is gedeponeerd. Dit kan anders zijn wanneer de eisen van een goede procesorde meebrengen dat de klacht eerder moet worden aangevoerd. Daaromtrent heeft het hof echter niets vastgesteld. [eiser] heeft zijn (nieuwe) bezwaar tegen de deskundige naar voren gebracht in zijn eerste gedingstuk nadat het deskundigenrapport was gedeponeerd, en derhalve tijdig.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4c2dd87a7a610d47a831edf755654a8aaac922d2217bc60669975db8c3e4e8a5. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4c2dd87a7a610d47a831edf755654a8aaac922d2217bc60669975db8c3e4e8a5, en de alinea staat in dat document op bytes 14237 tot 15031.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4c2dd87a7a610d47a831edf755654a8aaac922d2217bc60669975db8c3e4e8a5 | shasum -a 256