Citaat | Hoge Raad 23 mei 2014
Onder 3.3. Hoge Raad 23 mei 2014
Een alinea uit Hoge Raad 23 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1092.
Onderdeel a van het middel strekt ten betoge dat ook bij herinvestering in hetzelfde boekjaar sprake is van vorming en daarop volgende aanwending van een herinvesteringsreserve. Dit betoog slaagt. De belastingplichtige is in beginsel vrij al dan niet een herinvesteringsreserve als bedoeld in artikel 3.54 van de Wet IB 2001 te vormen, waarbij geldt dat de keuze pas hoeft te blijken op de balans van het jaar van vervreemding (vgl. HR 18 juni 1980, nr. 19288, BNB 1980/234). Indien de belastingplichtige echter heeft beslist ter zake van de vervreemdingswinst een dergelijke reserve te vormen, moet deze geacht worden te zijn gevormd op het moment waarop de vervreemdingswinst zonder de toepassing van artikel 3.54 van de Wet IB 2001 in aanmerking had moeten worden genomen. In een geval als hier bedoeld wordt de reserve geacht te zijn afgeboekt op de aanschaffings- en/of voortbrengingskosten van een bedrijfsmiddel waarin wordt geherinvesteerd, op het moment waarop die herinvestering plaatsvindt. ’s Hofs hiervoor in 3.2.1 weergegeven oordeel gaat derhalve uit van een onjuiste rechtsopvatting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/840a161d43fb03919c1e12f977a4cadd53b8efdcf44867c60ee021aabbc0840c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 840a161d43fb03919c1e12f977a4cadd53b8efdcf44867c60ee021aabbc0840c, en de alinea staat in dat document op bytes 11556 tot 12670.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/840a161d43fb03919c1e12f977a4cadd53b8efdcf44867c60ee021aabbc0840c | shasum -a 256