Citaat | Hoge Raad 23 mei 2014
Onder 3.7.3 Hoge Raad 23 mei 2014
Een alinea uit Hoge Raad 23 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1212.
De regeling van de wettelijke verplichting tot schadevergoeding in Afdeling 10 van Titel 1 van Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek biedt geen aanknopingspunt om aan te nemen dat de schadevergoedingsplicht van de Staat zou vervallen op de grond dat de gemeente op de voet van art. 8:75 Awb kosten aan de benadeelde heeft moeten vergoeden. Ook art. 8:75 Awb biedt daarvoor geen aanknopingspunt. Met deze bepaling is weliswaar beoogd het oordeel omtrent de vergoeding van kosten bij uitsluiting op te dragen aan de bestuursrechter (vgl. HR 29 november 2013, ECLI:NL:HR:2013:1456, NJ 2014/8), maar dat betreft een oordeel in het door partijen aan de bestuursrechter voorgelegde geschil. De bepaling houdt niet in dat een procespartij haar aanspraak op schadevergoeding jegens een hoofdelijk aansprakelijke derde, die geen partij is in het aan de bestuursrechter voorgelegde geschil, niet meer zou kunnen effectueren indien de bestuursrechter de wederpartij in de kosten heeft veroordeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2bbec47f8aab39f46dead118d679d0958725463fb78a98e267f246d1b41fd859. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2bbec47f8aab39f46dead118d679d0958725463fb78a98e267f246d1b41fd859, en de alinea staat in dat document op bytes 24002 tot 24998.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2bbec47f8aab39f46dead118d679d0958725463fb78a98e267f246d1b41fd859 | shasum -a 256