Citaat | Hoge Raad 27 mei 2014

Onder 2.2.3. Hoge Raad 27 mei 2014

Een alinea uit Hoge Raad 27 mei 2014, ECLI:NL:HR:2014:1237.

Blijkens het proces-verbaal van bevindingen, PL1810 2011015435-53, werd op 19 februari 2011 op het adres [b-straat 1] te Ede, waar de verdachte, de medeverdachte [medeverdachte 1] en hun medeverdachte zoon [medeverdachte 2] wonen, een groot aantal sieraden en een groot geldbedrag, € 15.400,=, aangetroffen. Een deel van de sieraden werd - verpakt in zakjes - aangetroffen in (een kussen van) een bank in de woonkamer. Ook het geldbedrag werd in een van de kussens aangetroffen. Verspreid door het huis werden ook andere sieraden aangetroffen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c2b2bdcbf7423e00c5acc4ce94523ca4d4b81e31a85ac51fee2bb4d6da7958e2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c2b2bdcbf7423e00c5acc4ce94523ca4d4b81e31a85ac51fee2bb4d6da7958e2, en de alinea staat in dat document op bytes 20330 tot 20889.