Citaat | Hoge Raad 21 januari 2014
Onder 2.2.3. Hoge Raad 21 januari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:127.
Voorts heeft de verdachte naar het oordeel van het hof geen aannemelijke verklaring gegeven voor het feit dat het bij hem aangetroffen geldbedrag - te weten het bedrag van EUR 10.000,00 dat volgens de verklaring van de verdachte in de tas zat alsmede het bedrag van EUR 4.000,00 dat de verdachte naar eigen zeggen al bij zich droeg toen hij de tas aantrof - uit coupures van EUR 500,00 bestond. Dergelijke coupures worden in het dagelijks geldverkeer - zoals hiervoor overwogen - immers nagenoeg niet gebruikt. Het is derhalve niet geloofwaardig dat de verdachte - zoals hij zegt - (toevallig) een gedeelte van de coupures reeds als eigen spaargeld bij zich droeg en een ander gedeelte ervan aantrof in de tas. Het ligt veeleer voor de hand aan te nemen dat alle bankbiljetten bij elkaar hoorden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ef27167d39bff29aeee0c05cdbb9593409eb369d05e101e162018834a3a0c55e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ef27167d39bff29aeee0c05cdbb9593409eb369d05e101e162018834a3a0c55e, en de alinea staat in dat document op bytes 13009 tot 13818.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ef27167d39bff29aeee0c05cdbb9593409eb369d05e101e162018834a3a0c55e | shasum -a 256