Citaat | Hoge Raad 21 januari 2014
Onder 2.8. Hoge Raad 21 januari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 21 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:138.
Voor zover het middel steunt op de opvatting dat het Hof het aanhoudingsverzoek had moeten toewijzen op de grond dat de verdachte ook in eerste aanleg bij verstek is berecht, faalt het omdat die opvatting in haar algemeenheid geen steun vindt in het recht, ook niet in art. 6 EVRM. Daarbij verdient opmerking dat het middel voorbijziet aan (i) de omstandigheid dat het de verdachte is die appel heeft ingesteld en dus op de hoogte was van de tegen hem lopende vervolging, (ii) hetgeen in dat verband onder 2.6.1 is overwogen, alsmede (iii) hetgeen onder 2.2 is vastgesteld met betrekking tot het procesverloop in deze zaak en het in dat kader genoemde verzuim van de raadsman opgave te doen van een adres van de verdachte.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e930bca761de9164e10d5a03d15450b10ab75a7ea9b361b9f36f25005d0f0e64. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e930bca761de9164e10d5a03d15450b10ab75a7ea9b361b9f36f25005d0f0e64, en de alinea staat in dat document op bytes 14757 tot 15492.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e930bca761de9164e10d5a03d15450b10ab75a7ea9b361b9f36f25005d0f0e64 | shasum -a 256