Citaat | Hoge Raad 24 januari 2014

Onder 4.7.2 Hoge Raad 24 januari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 24 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:149.

Met zijn oordeel in rov. 2.31 heeft het hof tot uitdrukking gebracht dat NVM met haar hiervoor in 4.7.1 weergegeven stellingen, tegenover de gemotiveerde betwisting door de curator, onvoldoende heeft gesteld voor de conclusie dat HPC eind jaren negentig al (voldoende) bekend was met de schade waarvan in de onderhavige procedure vergoeding wordt gevorderd. Dat oordeel geeft in het licht van hetgeen hiervoor in 4.6 is overwogen niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting en is in het licht van het hiervoor weergegeven partijdebat niet onbegrijpelijk. Daarbij wordt in aanmerking genomen dat in het oordeel van het hof besloten ligt dat de door NVM bij conclusie van dupliek gestelde, in besprekingen en brieven van 1999 naar voren gebrachte, “onmogelijkheid” van de koppeling van OMA aan Masterplan, blijkens de vaststaande feiten voor HPC en NVM juist geen gegeven was. De besprekingen over de koppeling zijn immers voortgezet en hebben in 2000 geleid tot een eenzijdige koppeling en in 2002 tot een tweezijdige koppeling. Daarnaast heeft NVM in haar conclusie van dupliek de bekendheid van HPC met de schade uitsluitend afgeleid uit haar bekendheid met de onrechtmatige gedragingen. Bij gebreke van verdere feitelijk onderbouwde stellingen dienaangaande van NVM, op wie ter zake de stelplicht rust, is dan ook niet onbegrijpelijk dat het hof het beroep van NVM op verjaring heeft verworpen. Daarbij is van belang dat het hof weliswaar onrechtmatig heeft geacht de besluiten van NVM waarbij haar leden werden verplicht exclusief de module Makelaardij en (later) tenminste één licentie van die module af te nemen, maar dat – zoals het hof terecht geoordeeld heeft – voor die onrechtmatigheid wegens strijd met art. 6 lid 1 Mw in dit geval bepalend is dat deze besluiten een mededingingsbeperkend gevolg hebben. In de stellingen van de curator en het oordeel van het hof ligt besloten dat juist dit mededingingsbeperkend gevolg pas gaandeweg daadwerkelijk kenbaar is geworden voor HPC, omdat zij aanvankelijk in de verwachting verkeerde dat het door haar ontwikkelde OMA op afzienbare termijn zou kunnen worden aangesloten op Masterplan, en later op TIARA (zie ook de hiervoor in 3.1 onder (vi), (vii) en (ix) vermelde feiten).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2c30bb8e750c6dae21cca919c2d0b9afbfc20d23ed51333d9e0d1797d8ef8dc8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2c30bb8e750c6dae21cca919c2d0b9afbfc20d23ed51333d9e0d1797d8ef8dc8, en de alinea staat in dat document op bytes 25297 tot 27550.