Citaat | Hoge Raad 1 juli 2014
Onder 2.2.4. Hoge Raad 1 juli 2014
Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1587.
De verdachte is direct na het vinden van het pistool kort gehoord, welk verhoor is opgenomen in het proces-verbaal van bevindingen van 17 februari 2010. Tijdens dit verhoor heeft de verdachte verklaard dat hij het wapen nooit had aangegeven omdat hij bang was dat de politie zijn verhaal dat het wapen niet van hem was niet zou geloven. Hij verklaart voorts dat zijn moeder en zuster ook wisten waar het wapen lag. Het hof trekt uit deze verklaringen de conclusie dat de verdachte wist dat er een vuurwapen in huis was en waar het lag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5d785e2f17c2ee598e8cc06e63b7958474997a5b53fbf26ee52d25637c973c2b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5d785e2f17c2ee598e8cc06e63b7958474997a5b53fbf26ee52d25637c973c2b, en de alinea staat in dat document op bytes 10486 tot 11034.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5d785e2f17c2ee598e8cc06e63b7958474997a5b53fbf26ee52d25637c973c2b | shasum -a 256