Citaat | Hoge Raad 1 juli 2014

Onder 2.2. Hoge Raad 1 juli 2014

Een alinea uit Hoge Raad 1 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1588.

"hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met 31 december 2006 te Zwartebroek (gemeente Barneveld) en/of te Naarden en/of te Bergen en/of te Waddinxveen, althans in Nederland en/of te Hong Kong en/of in Luxemburg en/of in het Verenigd Koningrijk en/of in de Verenigde Staten van Amerika opzettelijk uit de opbrengst van door misdrijf, te weten uit het telen, bereiden, bewerken, verwerken, verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren, aanwezig hebben en/of vervaardigen van een middel als bedoeld op de bij de Opiumwet behorende lijst I en/of lijst II en/of (gewoonte)witwassen, verkregen geld (te weten een bedrag van in totaal ongeveer 1.657.582,65 en/of de tegenwaarde van (een gedeelte van) dit bedrag in Amerikaanse dollars), voordeel heeft getrokken, immers heeft hij, verdachte, met dit geldbedrag deelgenomen aan autoraces voor het bedrijf [A] en/of het bedrijf [B], terwijl hij wist, althans redelijkerwijze moest vermoeden dat het door misdrijf verkregen geld betrof. Artikel 416 lid 2 Wetboek van Strafrecht."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/71bdffdd512976b2939dce751d566b0e156772e4d7e2c817b15c760db7a17eac. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 71bdffdd512976b2939dce751d566b0e156772e4d7e2c817b15c760db7a17eac, en de alinea staat in dat document op bytes 7411 tot 8460.