Citaat | Hoge Raad 7 januari 2014

Onder 2.4. Hoge Raad 7 januari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 7 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:16.

Het Hof heeft zijn oordeel, gelet op hetgeen hiervoor is vooropgesteld met betrekking tot mogelijke contra-indicaties, ontoereikend gemotiveerd, mede in aanmerking genomen dat het Hof kennelijk heeft geoordeeld dat de gelegenheid voor de verdachte om na te denken over de betekenis en de gevolgen van zijn voorgenomen daad en om zich daarvan rekenschap te geven, zich in het bijzonder voordeed "gedurende het tijdsbestek dat hij zijn auto tot stilstand bracht op de Sint Ludwinastraat (nadat hij kennelijk de aanwezigheid van [slachtoffer] in het park had opgemerkt) en het moment dat hij het slachtoffer aanreed", terwijl de verdachte in datzelfde korte tijdsbestek eerst "vol in de remmen ging", vervolgens "met een noodgang" achteruit heeft gereden en daarna "met aanzienlijke snelheid" in de richting van het slachtoffer reed.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4f528af9e8908f045a4fe426f1b426c9e45d7b8530e4c6660c9093321bc67ae8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4f528af9e8908f045a4fe426f1b426c9e45d7b8530e4c6660c9093321bc67ae8, en de alinea staat in dat document op bytes 11718 tot 12561.