Citaat | Hoge Raad 11 juli 2014
Onder 3.2.2 Hoge Raad 11 juli 2014
Een alinea uit Hoge Raad 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1679.
Om een terugkoopverplichting van Unilever te kunnen aannemen is in beginsel vereist dat deze uit de statuten blijkt; dit volgt uit de ingevolge de wet vereiste openbaarheid van inrichting (rov. 2.11). De gestelde terugkoopverplichting staat niet in de statuten vermeld, terwijl de bewoordingen van de statuten geen aanknopingspunt bieden voor een interpretatie dat op Unilever een terugkoopverplichting rustte (rov. 2.12). Ook uit de door Clay Hill c.s. gestelde uitlatingen en gedragingen van de zijde van Unilever volgt niet dat op Unilever een verplichting tot inkoop van de preferente aandelen is komen te rusten (rov. 2.13–2.20).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/20cbc9d0dacee4e3b7482f8272409a9072dd2b23fccca83ad270ea963d23bf5f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 20cbc9d0dacee4e3b7482f8272409a9072dd2b23fccca83ad270ea963d23bf5f, en de alinea staat in dat document op bytes 10912 tot 11561.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/20cbc9d0dacee4e3b7482f8272409a9072dd2b23fccca83ad270ea963d23bf5f | shasum -a 256