Citaat | Hoge Raad 11 juli 2014

Onder 3.6 Hoge Raad 11 juli 2014

Een alinea uit Hoge Raad 11 juli 2014, ECLI:NL:HR:2014:1682.

Nu [verzoeker] in eerste aanleg niet werd bijgestaan door een advocaat en niet blijkt dat hem (in overeenstemming met art. 3.1.4.1 van het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventiezaken rechtbanken) de precieze dag van de uitspraak is medegedeeld, onder vermelding dat hij vanaf dat moment telefonisch naar de uitspraak kon informeren, is sprake van een verzuim van de rechtbank als gevolg waarvan [verzoeker] redelijkerwijs niet hoefde te weten op welke dag de rechtbank uitspraak had gedaan. De verklaring van [verzoeker] dat hij wist dat hij twee weken na de mondelinge behandeling bij de rechtbank een uitspraak kon verwachten, kan dan ook niet het andersluidende oordeel van het hof dragen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33d749b202da02feb4211114444e99ee04571693fbefe4ed4dc2c0f51091d07a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33d749b202da02feb4211114444e99ee04571693fbefe4ed4dc2c0f51091d07a, en de alinea staat in dat document op bytes 13031 tot 13751.