Citaat | Hoge Raad 28 januari 2014
Onder 2.6. Hoge Raad 28 januari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 28 januari 2014, ECLI:NL:HR:2014:184.
Aldus is voldaan aan de hiervoor in 2.4 onder (iv) bedoelde verplichting dat, indien door of namens de betrokkene een gevolgtrekking uit het financieel rapport gemotiveerd is betwist, de rechter niet kan volstaan met de vermelding van (het onderdeel) van het financieel rapport als bewijsmiddel waaraan de schatting van het wederrechtelijk verkregen voordeel is ontleend, maar zal moeten motiveren op grond waarvan hij die gevolgtrekking aanvaardt. Het oordeel van het Hof dat het door de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel moet worden geschat op een bedrag van € 52.671,79, is, mede gelet op hetgeen daaromtrent ter terechtzitting in hoger beroep door de verdediging is aangevoerd, toereikend gemotiveerd. De feiten en omstandigheden waarop dat oordeel is gebaseerd, zijn in de door het Hof overgenomen overwegingen van de Rechtbank voldoende (samengevat) weergegeven. Gelet op het verhandelde ter terechtzitting in hoger beroep kan worden aangenomen dat de verwijzing naar de stukken van het ontnemingsdossier waaraan die feiten en omstandigheden zijn ontleend - met welk dossier klaarblijkelijk de in de opgave van de bewijsmiddelen bedoelde processen-verbaal van bevindingen van strafrechtelijk financieel onderzoek is bedoeld - voldoende nauwkeurig is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/33807cbc08b93bb633be58eaf888eb247354402eafd35ca93fffd46151b21e84. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 33807cbc08b93bb633be58eaf888eb247354402eafd35ca93fffd46151b21e84, en de alinea staat in dat document op bytes 19217 tot 20502.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/33807cbc08b93bb633be58eaf888eb247354402eafd35ca93fffd46151b21e84 | shasum -a 256