Citaat | Hoge Raad 4 februari 2014

Onder 2.2.2. Hoge Raad 4 februari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 4 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:230.

[medeverdachte] zei dat ik met hem mee moest lopen en wij liepen het drukkerijgedeelte in. Ik zag dat [medeverdachte] in de machinekamer een kartonnen doosje pakte. Ik zag dat [medeverdachte] uit dit kartonnen doosje twee revolvers pakte. [medeverdachte] zei hierbij dat dit de wapens van het plaatje waren die hij mij zojuist had laten zien. Ik had op dat moment nog steeds beide papiertjes in mijn handen en zag dat de revolvers die voor mij lagen identiek waren aan de revolvers welke op het papiertje afgedrukt waren. Ik zei tegen [medeverdachte] dat ik die twee wel wilde kopen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/404764df5398502d77fe5975308cdaf7c6fce35efeba4c57eb11e4561da8b9d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 404764df5398502d77fe5975308cdaf7c6fce35efeba4c57eb11e4561da8b9d1, en de alinea staat in dat document op bytes 20624 tot 21234.