Citaat | Hoge Raad 4 februari 2014

Onder 2.2.2. Hoge Raad 4 februari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 4 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:230.

Hierbij wees ik naar het papiertje met de afbeelding van de twee revolvers erop. Ik zei dat ik er ook graag munitie bij wilde hebben als dat kon. [medeverdachte] keek daarbij naar [verdachte], waarbij [verdachte] opstond vanuit de stoel en zei dat hij het wel even zou pakken. [medeverdachte] pakte de revolvers voor mij in en toen hij klaar was met het inpakken van het pakketje met de revolvers en de munitie overhandigde hij het pakketje aan mij. [medeverdachte] zei tegen mij dat het 750 Euro per wapen, 50 Euro voor de munitie was. Ik telde in bankbiljetten van 50 Euro het totaalbedrag af en overhandigde het stapeltje vervolgens aan [verdachte].

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/404764df5398502d77fe5975308cdaf7c6fce35efeba4c57eb11e4561da8b9d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 404764df5398502d77fe5975308cdaf7c6fce35efeba4c57eb11e4561da8b9d1, en de alinea staat in dat document op bytes 21246 tot 21911.