Citaat | Hoge Raad 9 september 2014
Onder 2.2.2. Hoge Raad 9 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 9 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2646.
- Het gegeven dat de telefoons van [verdachte] en [medeverdachte 1] na 23.15 uur op 9 september 2008 zouden hebben uitgestaan uitgestaan kan naar het oordeel van het hof nog niet met zich brengen dat daarmee zou vast staan dat [verdachte] en [medeverdachte 1] op de plaats delict aanwezig waren en dat zij met het uitzetten van hun telefoons hun aanwezigheid daar zouden hebben willen verhullen. Het uitzetten van mobiele telefoons is immers niet zó uitzonderlijk dat dit op zichzelf al verdacht is en daarvoor geen andere, legitieme, verklaringen bestaan. Ook bijvoorbeeld [betrokkene 1] heeft die nacht zijn telefoon uitgeschakeld. Zeer belastend is dit gegeven op zichzelf dus niet.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b4e1bd0e221ff4627921893495224274ca9b14c398f7b139722520187f03993f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b4e1bd0e221ff4627921893495224274ca9b14c398f7b139722520187f03993f, en de alinea staat in dat document op bytes 28391 tot 29090.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b4e1bd0e221ff4627921893495224274ca9b14c398f7b139722520187f03993f | shasum -a 256