Citaat | Hoge Raad 9 september 2014

Onder 3.2.2. Hoge Raad 9 september 2014

Een alinea uit Hoge Raad 9 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2649.

Op 10 april 2006 heeft verdachte [medeverdachte 1] telefonisch contact opgenomen met de als niet zodanig herkenbare opsporingsambtenaar, die onder de naam [betrokkene 1] in het kader van de stelselmatige informatie-inwinning meerdere ontmoetingen met hem heeft gehad. [medeverdachte 1] wil [betrokkene 1] spreken en nodigt hem uit voor een gesprek. Op de dag van de afspraak wordt de ontmoeting geannuleerd in verband met ziekte van [medeverdachte 1]. Er wordt een vervolgafspraak gemaakt en [medeverdachte 1] geeft aan dat hij dan precies zal vertellen wat zijn voorstel is. Hij typeert het als een goede manier van geld verdienen. ...

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc90cb293aa5d11357f5159112acb42014fad1b0ab28a3be379822f1b7a48bd8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc90cb293aa5d11357f5159112acb42014fad1b0ab28a3be379822f1b7a48bd8, en de alinea staat in dat document op bytes 25915 tot 26564.