Citaat | Hoge Raad 9 september 2014
Onder 3.2.2. Hoge Raad 9 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 9 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2649.
'... Op grond van afgeluisterd telefoonverkeer en verrichtte observaties bestaat het vermoeden dat de verdachten [medeverdachte 1] en [verdachte ] bezig zijn een of meer drugstransporten te organiseren naar Groot Brittannië en België. Uit de gesprekken valt af te leiden dat [medeverdachte 1] en [verdachte ] de mogelijkheden en de bereidheid hebben de xtc-pillen te leveren. [medeverdachte 1] is in deze de contactpersoon naar de Engelse en Belgische afnemers. In enkele gevallen blijkt hij over de gesprekken terugkoppeling te houden met [verdachte ].
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dc90cb293aa5d11357f5159112acb42014fad1b0ab28a3be379822f1b7a48bd8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dc90cb293aa5d11357f5159112acb42014fad1b0ab28a3be379822f1b7a48bd8, en de alinea staat in dat document op bytes 28263 tot 28832.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dc90cb293aa5d11357f5159112acb42014fad1b0ab28a3be379822f1b7a48bd8 | shasum -a 256