Citaat | Hoge Raad 9 september 2014

Onder 2.2.2. Hoge Raad 9 september 2014

Een alinea uit Hoge Raad 9 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2651.

Op grond van het bovenstaande richt het onderzoek zich thans, naast waarheidsvinding inzake witwassen, zich ook op waarheidsvinding inzake handel (verkopen, afleveren, verstrekken, vervoeren) en uitvoer van drugs (xtc-pillen) en voorbereidingshandelingen, respectievelijk vallende onder de werking van artikel 2 en 10a Opiumwet. ). In het kader van deze waarheidsvinding zullen door opsporingsambtenaren verbonden aan het Landelijk Infiltratieteam op donderdag 20 april 2006 en navolgende dagen in Utrecht en/of elders in Nederland opsporingshandelingen worden verricht, die in het verlengde liggen van opsporingshandelingen die eerder in dit onderzoek zijn uitgevoerd onder de werking van eerdergenoemde bevelen stelselmatig informatie-inwinning en pseudokoop en/of dienstverlening.'

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/daa44556dbae10db369e1879c08fd5b9e91dcc1364547d5b5dbe9023136bb0e4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt daa44556dbae10db369e1879c08fd5b9e91dcc1364547d5b5dbe9023136bb0e4, en de alinea staat in dat document op bytes 24345 tot 25142.