Citaat | Hoge Raad 12 september 2014
Onder 3.3. Hoge Raad 12 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 12 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2653.
Teneinde te beoordelen of de Inspecteur terecht afwijzend heeft beslist op de aanvraag tot het geven van een beschikking als bedoeld in artikel 59, lid 3, Wfsv, diende het Hof primair te onderzoeken of tussen belanghebbende en haar leden arbeidsovereenkomsten tot stand zijn gekomen. Bij het beantwoorden van die vraag moet acht worden geslagen op alle omstandigheden van het geval, in onderling verband bezien . Daartoe moeten niet alleen de rechten en verplichtingen die partijen bij het sluiten van de overeenkomst voor ogen stonden in aanmerking worden genomen, maar moet ook acht worden geslagen op de wijze waarop partijen aan hun overeenkomst uitvoering hebben gegeven en daaraan aldus inhoud hebben gegeven (vgl. HR 25 maart 2012, nr. 10/02146, ECLI:NL:HR:2011:BP3887, BNB 2011/205, NJ 2011/594).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a26ac554c1215ccbb27b502979500ca917c6f7194711d1aca0d1fd6f1b571037. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a26ac554c1215ccbb27b502979500ca917c6f7194711d1aca0d1fd6f1b571037, en de alinea staat in dat document op bytes 11261 tot 12111.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a26ac554c1215ccbb27b502979500ca917c6f7194711d1aca0d1fd6f1b571037 | shasum -a 256