Citaat | Hoge Raad 7 februari 2014

Onder 3.3.2 Hoge Raad 7 februari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 7 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:270.

Het is een grondrecht dat niemand van zijn vrijheid mag worden beroofd buiten de gevallen bij of krachtens de wet voorzien (vgl. de hiervoor in 3.2.1 genoemde beschikking). In het licht hiervan is de omstandigheid dat na inwerkingtreding van de wet een AVG bevoegd zal zijn de voor gedwongen opneming van een verstandelijk gehandicapt persoon vereiste verklaring af te geven, onvoldoende om te oordelen dat een AVG daartoe ook voor de inwerkingtreding van de wet bevoegd was. Daarbij is mede van belang dat in de onderhavige wet aan de hier bedoelde wijziging van art. 1 Wet Bopz geen terugwerkende kracht is verleend. Het middel slaagt dus.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d69fec2c27560faf003de5610187c47213d567a4da56cc1bc5a813bb3d0aee94. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d69fec2c27560faf003de5610187c47213d567a4da56cc1bc5a813bb3d0aee94, en de alinea staat in dat document op bytes 10487 tot 11141.