Citaat | Hoge Raad 14 februari 2014
Onder 3.3.2. Hoge Raad 14 februari 2014
Een alinea uit Hoge Raad 14 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:281.
Voor het door de inspecteur in behandeling nemen van respectievelijk beslissen op een verzoek om teruggaaf als bedoeld in artikel 14a van de Wet BPM in samenhang gelezen met artikel 4b van het Uitvoeringsbesluit BPM (tekst tot 1 januari 2010) is vereist dat het desbetreffende bedrag aan bpm verschuldigd is geworden, maar niet dat de heffing daarvan onherroepelijk is komen vast te staan. Anders dan het Hof heeft geoordeeld staat het niet-onherroepelijk zijn van de heffing evenmin eraan in de weg dat ingeval beroep is ingesteld inzake een afwijzing van een verzoek om teruggaaf van geheven bpm, de rechter een oordeel geeft over de juistheid van de beslissing van de inspecteur.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/80844e808520af478c9826d585b149e718b8ae5df777340d28bf7ed36f902436. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 80844e808520af478c9826d585b149e718b8ae5df777340d28bf7ed36f902436, en de alinea staat in dat document op bytes 10321 tot 11017.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/80844e808520af478c9826d585b149e718b8ae5df777340d28bf7ed36f902436 | shasum -a 256