Citaat | Hoge Raad 26 september 2014
Onder 5.3 Hoge Raad 26 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2837.
Onderdeel 2.1 faalt. Op zichzelf is juist dat de term investment in het normale spraakgebruik geen territoriale of temporele beperking kent. Het hof heeft niet anders geoordeeld, maar heeft deze term uitgelegd met inachtneming van de bijzondere betekenis die overeenstemt met de bedoeling van partijen. Door deze term uitsluitend op de hiervoor in 5.1 vermelde plaatsen uit te leggen overeenkomstig de betekenis die hij naar normaal spraakgebruik heeft, heeft het hof zijn oordeel niet onbegrijpelijk gemotiveerd. Het hof heeft met name niet miskend dat het BIT specifiek investeringen betreft van (rechts)personen afkomstig uit de andere verdragsstaat, en dat het hier gaat om investeringen die bestonden op 11 mei 1997, of nadien zijn gedaan. Het hof heeft immers in rov. 21 overwogen dat het doel van het BIT is het stimuleren en beschermen van investeringen door onderdanen van een verdragsstaat in een andere verdragsstaat, en in rov. 27 dat het BIT krachtens art. XII van toepassing is op bestaande en toekomstige investeringen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6, en de alinea staat in dat document op bytes 38708 tot 39791.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6 | shasum -a 256