Citaat | Hoge Raad 26 september 2014
Onder 5.7.3 Hoge Raad 26 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2837.
Het hof heeft in rov. 27 ten overvloede overwogen dat door zijn – ruime - uitleg van de term investment niet aan het BIT, in afwijking van art. 28 WVV, terugwerkende kracht wordt verleend, maar dat sprake is van onmiddellijke werking. Voorts overwoog het hof dat het geschil over schending van art. II lid 7 BIT is ontstaan na de inwerkingtreding van het verdrag en dat arbiters slechts het handelen van Ecuador van nadien hebben beoordeeld (zie hiervoor in 3.3 (slot)). Tegen deze overwegingen zijn geen uitdrukkelijke klachten gericht, maar hierna zal ervan worden uitgegaan dat in de onderdelen 1.1 en 3.2, in samenhang bezien, mede een hiertegen gerichte motiveringsklacht ligt besloten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6, en de alinea staat in dat document op bytes 47910 tot 48651.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6 | shasum -a 256