Citaat | Hoge Raad 26 september 2014
Onder 4.4.3 Hoge Raad 26 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2837.
Het BIT is gesloten tussen twee vreemde staten. Het BIT schept rechten en verplichtingen voor Ecuador en de VS, alsmede rechten voor (rechts)personen afkomstig uit die staten tegenover de andere verdragsstaat. Nederland is geen partij bij het BIT en is daaraan ook niet anderszins gebonden. Tegen de achtergrond van hetgeen hiervoor in 4.4.2 is overwogen, dient het BIT daarom te worden aangemerkt als ‘recht van vreemde staten’ in vorenbedoelde zin. Het gaat hier immers om internationaal publiekrecht dat niet geldt in de Nederlandse rechtsorde. Hieruit volgt dat oordelen van het hof omtrent de inhoud en uitleg van het BIT in cassatie niet op juistheid kunnen worden onderzocht. Voor zover het middel rechtsklachten over de door het hof aan het BIT gegeven uitleg bevat, faalt het dus reeds op deze grond; zodanige klachten worden daarom hierna niet afzonderlijk vermeld of behandeld. Voorts worden motiveringsklachten over de door het hof aan het BIT gegeven uitleg slechts beoordeeld voor zover dit mogelijk is zonder daarbij de juistheid van de oordelen van het hof omtrent de inhoud en uitleg van het BIT te betrekken (vgl. HR 6 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:BZ9225). Rechtsklachten over de toepassing van het WVV worden hierna echter wel vermeld en beoordeeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6, en de alinea staat in dat document op bytes 31545 tot 32846.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/fcec4ee7db8bbed78393b4c418f37d17684b4d82329928870c58a823f11db5e6 | shasum -a 256