Citaat | Hoge Raad 30 september 2014
Onder 2.2.2. Hoge Raad 30 september 2014
Een alinea uit Hoge Raad 30 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2842.
[medeverdachte 5] heeft de verdachte met medeverdachten [medeverdachte 4], [medeverdachte 3] en [medeverdachte 2] vervolgens in de vroege morgen van 24 december 2009 naar de woning van het slachtoffer aan de [a-straat 1] te Rijswijk gereden. Aldaar heeft zij de huissleutels van de woning aan één van de medeverdachten gegeven en hen gezegd dat het slachtoffer goed is in het onthouden van gezichten. Hierop zijn de verdachte, [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3], die geen van drieën gezichtsbedekkende kleding droegen, de woning binnengegaan, [medeverdachte 2] gewapend met een mes en de verdachte met een vuurwapen. [medeverdachte 5], [medeverdachte 2] en [medeverdachte 3] hebben het vuurwapen bij de verdachte gezien. [medeverdachte 5] is samen met [medeverdachte 4] in de auto blijven zitten.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8024e2fefc093cc84b90c660dee9042f2c321cf5991b054e594a3c91b638aa7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8024e2fefc093cc84b90c660dee9042f2c321cf5991b054e594a3c91b638aa7a, en de alinea staat in dat document op bytes 11501 tot 12332.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8024e2fefc093cc84b90c660dee9042f2c321cf5991b054e594a3c91b638aa7a | shasum -a 256