Citaat | Hoge Raad 11 februari 2014

Onder 2.3. Hoge Raad 11 februari 2014

Een alinea uit Hoge Raad 11 februari 2014, ECLI:NL:HR:2014:286.

Aldus heeft het Hof het verweer verworpen op gronden welke die verwerping kunnen dragen, nog daargelaten dat het ten onrechte niet vervolgen van derden wier gedragingen evenzeer als die van de verdachte het voorwerp van strafvervolging dienen te zijn, niet zonder meer leidt tot niet-ontvankelijkheid van de officier van justitie in de strafvervolging tegen de verdachte. Het Hof heeft niet blijk gegeven in enig opzicht van een onjuiste rechtsopvatting te zijn uitgegaan of een onjuiste maatstaf te hebben aangelegd. (Vgl. HR 16 april 1996, NJ 1996/527, rov. 7.7.)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb71f76e5d55b69d52ec888b4c9337d3b70d71a349cc73583c5add9f4a49c35f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb71f76e5d55b69d52ec888b4c9337d3b70d71a349cc73583c5add9f4a49c35f, en de alinea staat in dat document op bytes 11136 tot 11714.