Citaat | Hoge Raad 3 oktober 2014

Onder 3.2 Hoge Raad 3 oktober 2014

Een alinea uit Hoge Raad 3 oktober 2014, ECLI:NL:HR:2014:2894.

[verweerster] heeft de inleidende dagvaarding laten uitbrengen op het adres waar [eiser] in de gemeentelijke basisadministratie was ingeschreven. [eiser] heeft niet gesteld dat [verweerster] ervan op de hoogte was, dan wel diende te vermoeden, dat [eiser] zijn woonplaats niet meer op dat adres had. Dat de inleidende dagvaarding door de onjuiste inschrijving in de gemeentelijke basisadministratie niet aan de woonplaats van [eiser] is uitgebracht en [eiser] daardoor mogelijk van die dagvaarding en de daarop gevolgde procedure geen kennis heeft genomen, is een omstandigheid die voor risico van [eiser] dient te blijven. Van een verschoonbare termijnoverschrijding is geen sprake. Onverkorte toepassing van de appeltermijn leidt er in dit geval niet toe dat [eiser] geen effectieve toegang tot de rechter heeft gehad of dat de procedure anderszins niet voldoet aan de eisen van een eerlijk proces als bedoeld in art. 6 EVRM. (rov. 4)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fdffcd4a1b31654b097955e342ecebef8455b017a78d4f6fb0a008da9eb4862c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fdffcd4a1b31654b097955e342ecebef8455b017a78d4f6fb0a008da9eb4862c, en de alinea staat in dat document op bytes 9472 tot 10433.